Camper Weekje Weg: Zwitserland

Ik ga voor een korte trip graag naar de Duitse middelgebergten, maar niets haalt het bij de échte Alpen. Morteratsch-gletsjer bij Pontresina.
Voor een korte trip ga ik graag naar de Duitse middelgebergten, maar niets haalt het bij de échte Alpen. Morteratsch-gletsjer bij Pontresina.

Deze keer nemen we je mee op een sportieve vakantie naar een niet veel door Nederlanders en Vlamingen bezocht stuk van de Alpen: het kanton Graubünden in het zuidoosten van Zwitserland. De meeste mensen zullen wel van de miljonairsoorden Davos en Sankt Moritz gehoord hebben, maar er zijn ook genoeg plekken die minder mondain zijn en waar je als sportieve (bus-)kampeerder veel gelijkgezinden tegenkomt (vooral veel Zwitsers, zoals gezegd nauwelijks toeristen uit de lage landen).

De afstand (965 km van Utrecht naar Pontresina) is voor sommigen misschien wat pittig, maar het zijn goed berijdbare wegen en het is (zeker zonder kinderen en met twee chauffeurs) best in één dag te doen. Dan houd je van een vakantieweek van negen dagen zeven dagen ter plekke over. Verder is het voordeel van een weekje Zwitserland dat de (ook vanwege de ongunstige koers van de frank) erg hoge prijzen er nèt iets minder hard inhakken dan bij een volledige zomervakantie. Je neemt een volle koelkast mee, en je zou halverwege de week een uitstapje naar een supermarkt in Italië kunnen inlassen – de kwaliteit en keus zijn er beter, en de prijzen natuurlijk veel lager.

Stellplätze zoals in Duitsland heb je in Zwitserland niet veel, maar er zijn fijne campings, die overigens niet heel erg luxe qua voorzieningen zijn. Het sanitair is prima maar een zwembad is er bijvoorbeeld meestal niet.

De design-afwaskeuken van camping Morteratsch
De design-afwaskeuken van camping Morteratsch

Graubünden staat bekend als het “kanton van de honderdvijftig dalen”. Dat zou wel eens kunnen kloppen. In ieder geval moet er, om van het ene dal naar het andere te komen, flink passen gereden worden. Maar daar draait de gemiddelde Westy- of Californiabezitter z’n hand niet voor om, toch? Met zo’n smalle bus met korte wielbasis zijn die haarspeldbochten trouwens een peulenschil.

Camping Morteratsch in Pontresina

In het dal op weg naar de Berninapas ligt, met zicht op de Morteratsch-gletsjer, Camping Morteratsch. Grote kans dat u de naam “Bernina” kent van de Bernina-Express, een glamoureuze smalspoortreinverbinding van Zermatt (aan de voet van de Matterhorn, helemaal in Wallis), naar Treviso in Italië. Die treinverbinding behoort zelfs tot het UNESCO-Werelderfgoed! De trein stopt op het stationnetje Morteratsch, op 1 km lopen van de camping, en dat biedt allerlei mogelijkheden voor uitstapjes. Ook een aanrader: de wandeling naar de gletsjertong van Morteratsch.

De wandeling naar de gletsjer is prachtig
De wandeling naar de gletsjer is prachtig

Lang het licht glooiende, brede pad kom je ook met mountainbike of hybridefiets goed vooruit. Onderweg staan verklarende tekstborden met jaartallen en mooie historische foto’s. Kinderen krijgen op de camping een soort stempelkaart waarmee ze worden aangespoord de hele wandeling te lopen. De jaartallen op de infoborden geven aan hoe ver de gletsjer toen kwam, en zo kun je de klimaatverandering als het ware aan den lijve ondervinden.

De Bernina-Express van de Rhätische Bahn

De échte Bernina-Express (een trein die zowat even legendarisch is als de Orient-Express) komt wel langs Morteratsch, maar stopt er niet. Gelukkig zijn er ook stoptreinen over hetzelfde traject. Een mooie tocht is om de trein te nemen naar het station bovenop de Bernina-pashoogte (Bernina-Hospiz), en dan één of twee stations verder te wandelen, min of meer langs het spoor.

De wandeling van station Bernina-Hospiz naar Alp Grüm
De wandeling van station Bernina-Hospiz naar Alp Grüm

Met de trein rijd je dan weer lekker terug naar het station bij de camping. Ideaal natuurlijk voor camperbezitters, want al zijn we super-mobiel, het is nóg prettiger als we de boel voor een uitstapje niet hoeven in te klappen! De camping in Morteratsch heeft bovendien een prima kampwinkel (niet duurder dan de rest van Zwitserland), dus ook daarvoor hoef je de motor niet te starten.

Een heel ander dal: het Val Müstair

Een uur of twee rijden van Pontresina ligt het Val Müstair. Om hier te komen rij je over de Ofenpass, en door het Zwitsers Nationaal Park.

In het Zwitsers Nationaal Park kun je prachtige dagtochten maken.

Het land heeft er maar één nationaal park, daarom heeft het verder geen andere naam. Het park is ruim 100 jaar geleden vooral opgericht om in een groot stuk dunbevolkt Zwitserland een reservaat te creëren voor flora en fauna – niet omdat het landschap er mooier of bijzonderder is dan in de rest van de Zwitserse Alpen. Het Val Müstair is een dal zonder spoorlijn, en het riviertje, de Rom, volgt volledig zijn natuurlijke loop, zonder dammen, kanalisatie of andere ingrepen. Hier geen gletsjers, vierduizenders, downhill-mountainbike-trajecten of spectaculaire kabelbanen, maar rust, ruimte, en veel prachtige wandelingen. De begin- en eindpunten zijn meestal met de postbus te bereiken, zodat ook hier de Westy op de camping kan blijven staan.

Met de postbus kom je overal. Veel wandelingen lopen van bushalte naar bushalte.

Aan het eind van het dal, net voor de Italiaanse grens, ligt het bijzondere plaatsje Müstair (dat is de Rheto-Romaanse naam; in het Duits heet het Münster). Het is genoemd naar het klooster (monasterium in het Latijn) dat Karel de Grote er omstreeks 770 (!) heeft gesticht.

 De legende wil dat Karel, na de overwinning op de Langobarden in Noord-Italië, op de Umbrailpas in een sneeuwstorm verzeild raakte. Toen hij uiteindelijk behouden het dal beneden had bereikt, beloofde hij op die plek een klooster te stichten. De binnenkant van de kloosterkerk wordt gesierd door fresco’s uit de jaren 830, en ook het kapelletje naast de kerk blijkt nog origineel Karolingisch te zijn. Het klooster staat, net als de Bernina-Express, op de UNESCO-lijst.

9e-eeuwse fresco’s in de kloosterkerk van Müstair

De camping van Müstair, Muglin (de molen), is vrij nieuw, en heeft prima voorzieningen waaronder een mooi toiletgebouw, een sauna op de voormalige hooizolder, een leuke speeltuin en een gezellige bar. Er tegenover biedt een bio-boer llama-tochten aan, en verkoopt in z’n eigen winkeltje heel mooi biologisch vlees. Dat is een terugkerend thema in dit dal bij het Nationaal Park – een groot deel van de plaatselijke bevolking richt zich op hetzij ecologisch verantwoord toerisme, hetzij biologisch boeren. Nog een goede reden om de kampeerbus op de camping te laten staan en er per fiets of postbus op uit te gaan.

’s Zomers kom je in de hoger gelegen bergweiden geiten- en koeienkuddes tegen

En: overal waar je in het Val Müstair wandelt, word je niet alleen muzikaal begeleid door het geklingel van de bellen om de halzen van grazende koeien en geiten, maar ook door het prachtige geluid van de klokken van het oeroude klooster.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s