Waarom ik alleen Westfalia wil!

goethe-institut goettingen
Het Goethe-Institut in Göttingen. Foto: Robin Oomkes

Op m’n laatste reisje heb ik weer enorm veel plezier van m’n Westfalia Nugget gehad. Ik moest een Duits taalexamen afleggen bij het Goethe-Institut in Göttingen, zo’n 350 km rijden. Het examen was over twee dagen verspreid (schriftelijk op maandagochtend en mondeling op dinsdagmiddag). Om op tijd te zijn moest ik dus op zondagavond al op pad en twee keer overnachten – met een hotel of pension zou dat best een dure toestand geworden zijn. Maar ik ging met de Ford, die met z’n 155 pk de afstand
met zo’n 120 à 130 km/u verslond, met een heel redelijk verbruik van 1 op 10. Dat was met een grotere camper (of m’n klassieke benzine-Joker!) echt niet gelukt. M’n blablacar-lifters waren ook erg over de snelle en ruime auto te spreken – en betaalden nog aan de brandstofkosten mee ook.

IMG_8496
Stealthcamping (wildkamperen) bij een park in Göttingen. Foto: Robin Oomkes

Voor de eerste nacht had ik met de satellietbeelden op Google Maps een mooi groen plekje in de buurt van het instituut gezocht, om ’s ochtends niet meer te hoeven rijden. Met een bus met hoogdak, zoals de Nugget, kun je goed “stealthcampen” – onopvallend kamperen in de stad dus. Kenners weten door de gesloten gordijntjes en isomatten voor de voorruit heus wel wat er aan de hand is, maar het valt toch een stuk minder op dan een omhoogstaand hefdak – om maar te zwijgen van een grote witte camper.

IMG_1788
De Junkernschänke uit 1451 – een schitterend vakwerkhuis waarin nu een hip restaurant zit. Foto: Robin Oomkes
IMG_8525
VW T2 in Göttingen. Foto: Robin Oomkes

Na afloop van het schriftelijk examen ben ik nog even het centrum van Göttingen ingelopen. Prachtige villa’s uit de tijd van het keizerrijk (1870-1918), zoals het Goethe-Institut zelf, en mooi gerestaureerde vakwerkhuizen wisselen elkaar daar af. En, zoals in veel universiteitssteden, stonden de straten weer vol met leuke VW-busjes en andere campers. Dat leverde weer veel materiaal op voor mijn instagram-account, waar ik elke dag een nieuwe “Van Of The Day” probeer te plaatsen.

 

Als geschiedenisfreak vind ik het leukste van camperen in Duitsland dat je zo ontzettend flexibel bent. Ik zoek regelmatig monumenten of bouwwerken op die ik in één of ander geschiedenisboek ben tegengekomen, om ze te fotograferen en er dan weer een stukje over te schrijven. Juist in Duitsland, met zijn versnipperde verleden, staan die monumenten werkelijk door het hele land verspreid en je hebt dus echt vervoer en verblijf nodig om ze te bekijken. Voor de vrije tijd tussen de twee examens in Göttingen stond deze keer het Kyffhäuser-monument op het programma. Ik had al eens over de Duitse monumenten ter ere van keizer Wilhelm I geschreven, maar dat op de Kyffhäuser had ik nog nooit gezien.

IMG_1833
Kyffhäuser-monument vanaf het parkeerterrein. Foto: Robin Oomkes

Het viel niet tegen. Het was weer net zo’n bizar, protserig bouwwerk op net zo’n schitterende locatie als bijvoorbeeld het monument bij Porta Westfalica of het Hermannsdenkmal vlakbij Detmold (allebei goed te bezoeken op een autorit van Nederland naar Hannover), maar toch ook weer anders: dit monument is namelijk bovenop een enorme middeleeuwse burcht van de beroemde 12e-eeuwse keizer Barbarossa gebouwd.

IMG_1936
Camperstellplatz bij de thermen in Bad Frankenhausen. Foto: Robin Oomkes

Die nacht heb ik op een officiële Stellplatz overnacht, in Bad Frankenhausen, bij de thermen van het kuuroord. De huishoudaccu van de Nugget kon wel weer eens een 220V-oplaadbeurt gebruiken, en de afvaltanks moesten ook geleegd. Om er te komen moest ik de Kyffhäuser zelf over, het kleinste middelgebergte van Duitsland. Hoe klein ook, het waren  wel 35 haarspeldbochten naar boven (naar beneden aan de andere kant iets minder). Ook dan heb je veel plezier van een compacte camper.

IMG_8522
De handige keuken van de Nugget nodigt uit tot kokkerellen. Foto: Robin Oomkes
IMG_8526
Sfeerplaatje van een Stellplatz in de regen. Kan zo’n hoogdak wel mee overweg!

 

IMG_1978
Reconstructie van het poortgebouw van de 10e-eeuwse koningspalts Tilleda. Op de achtergrond het 19e-eeuwse Kyffhäuser-monument. Foto: Robin Oomkes

Voor de volgende ochtend stond de koningspalts Tilleda nog op m’n lijstje (die verblijfplaatsen van rondtrekkende middeleeuwse Duitse koningen en keizers interesseren me ook mateloos), aan de voet van het Kyffhäusergebergte. Na wat in de palts te hebben rondgesnuffeld moest ik alweer terug naar Göttingen voor m’n mondelinge examen. Daarna volgde de lange, maar ontspannen rit terug naar huis. Ik had me voor m’n tweedaagse zwerftocht geen beter vervoer of verblijf kunnen wensen dan m’n Westy – en het examen? De uitslag krijg ik volgende week…

IMG_8531

Advertenties

Custom Nugget of California T6 – praktisch of cool

Custom Nugget in Garmisch-Partenkirchen
Custom Nugget in Garmisch-Partenkirchen

Het is een luxeprobleem – maar dat zijn ook problemen, zoals een kennis altijd zei. Nauwelijks heb ik een nieuwe camper, of ik zit alweer naar een nieuwe te lonken!

Toen we vorig jaar vanwege het werk naar Berlijn verhuisden, was ik camperloos. Er moest een nieuwe komen om in de weekends het land mee te verkennen, en voor de vakanties natuurlijk. En ook toen al twijfelde ik enorm tussen Nugget en California.

Een op proef gehuurde VW California T5
Een op proef gehuurde VW California T5

Voor de California pleitten de compacte afmetingen, het rijcomfort en de strakke vormgeving. Maar we hadden we al eens een weekend een T5 gehuurd, en die vonden we met 2 kleine kinderen (toen een baby en een 3-jarige) wel erg krap, ook door de twee kinderzitjes die je bij het kamperen ergens kwijt moet. Bovendien vonden we de indeling, met het kooktoestel naast de zitbank, niet zo veilig met twee rondklauterende peuters aan boord.

Het werd dus een nieuwe Custom Nugget. De indeling kenden we al van het vorige model, en we wisten hoe handig die was, met zithoek voor en aparte keuken achterin. Hij kwam helaas wel met flink wat vertraging: in februari besteld en pas in oktober geleverd. De camperloze zomer hebben we toen besteed aan een fantastische camperreis door Amerika – maar dat is een ander verhaal.

De zithoek van de Custom Nugget
De zithoek van de Custom Nugget: de keuken zit achterin, buiten bereik van spelende peuters

Inmiddels staat de Nugget voor de deur, en hebben we de eerste korte en wat langere trips gemaakt – hij is onder meer al drie keer naar Nederland geweest voor familiebezoek. Erg handig om dan je koelkast, toiletje en logeerkamer bij je te hebben!

Maar nu de nieuwe California T6 er aan zit te komen, begint het toch weer te kriebelen. De kinderen zijn al weer wat groter (en voorzichtiger) dus het gasstel naast de bank is niet zo’n punt meer, hun zitjes worden steeds kleiner, en ze kunnen ’s zomers misschien wel af en toe alleen in een tentje slapen. Allemaal redenen waarom we vanaf volgend jaar best op een T6 zouden kunnen overstappen…

De Custom Nugget is echt een prima camper en hij rijdt een stuk comfortabeler dan de oude Transit, maar op de snelweg is het toch iets meer een bestelwagen dan de T5, laat staan de T6. Die zou volgens Volkswagen zo’n 4 dB stiller zijn dan het oude model – dat scheelt meer dan de helft in geluid!

De California T5 (foto: Volkswagen)
De California T5 (foto: Volkswagen)

Maar als ik heel eerlijk ben is het toch vooral dit: zo’n California ziet er toch wel een heel stuk cooler, een stuk meer outdoor uit dan een Ford met hoogdak… Wat vind jij?

Stellplatz-uitje naar Oranienburg

Onze Nugget op de Stellplatz in Oranienburg
Het maartse zonnetje lacht de Nugget in Oranienburg toe

We hadden onze nieuwe Ford Westfalia Custom Nugget al een poosje (al een half jaar, om precies te zijn), maar we hadden er nog nauwelijks met z’n vieren in geslapen. Omdat we in het weekend graag de stad ontvluchten en omdat het campertijdschrift Promobil de Stellplatz van het stadje Oranienburg een eervolle vermelding had gegeven reden we daarheen. Maar 30 km ten noorden van Berlijn, maar het is een compleet andere, rustige wereld.

Lovelocks aan de jachthavenbrug over de Havel
Lovelocks aan de jachthavenbrug over de Havel

Eerst gingen we een middagje spetteren in het golfslagbad. In Berlijn zelf zijn best veel zwembaden, maar allemaal van het type spatbordenfonds: rechttoe rechtaan, grote rechthoekige bak, koud water. Met kinderen is het leuk als er ook een glijbaan is, en een kleuterbadje. Dat is in Oranienburg prima in orde.

Na een maaltijd bij de plaatselijke Italiaan (erg aardige bediening, en zoals vaak in de voormalige DDR, heel redelijke prijzen) reden we naar de Stellplatz.  Die ligt bij de jachthaven, direct aan de rivier de Havel, vlakbij Schloss Oranienburg.

Stellplatz aan de jachthaven van Oranienburg
Ruime plaatsen aan de jachthaven

De stellplatz is ruim opgezet, met afgebakende plaatsen met veel “eigen grond” eromheen. Per plaats is er een stroompaal met afrekensysteem. Het afrekenen gaat sowieso vrij geavanceerd: je koopt bij aankomst een soort ov-chipkaart bij een automaat (die geen Nederlandse pinkaarten leest; van te voren contant geld pinnen dus), laadt die op met een bedrag naar keuze en 10 euro borg, en daarmee kun je vervolgens je overnachtingen, stroom, douches (die zijn er ook!) en water mee betalen. Bij vertrek krijg je de borg op de kaart weer terug.

Minpuntje van deze (zoals bij zowat elke stellplatz): er is geen speeltuintje. Dat zou een verblijf voor gezinnen met kinderen nòg leuker maken!

Van de Stellplatz aan de jachthaven loop je zo naar Schloss Oranienburg.
Van de Stellplatz aan de jachthaven loop je zo naar Schloss Oranienburg.

Het paleis van Oranienburg is rond het midden van de 17e eeuw door de Nederlandse prinses Louise Henriette gebouwd, en het stadje is haar nog steeds dankbaar, te zien aan het standbeeld dat midden op het voorplein van het slot staat.

Het standbeeld van Louise Henriette midden in Oranienburg werd in de 19e eeuw door de burgerij geschonken.
Het standbeeld van Louise Henriette midden in Oranienburg werd in de 19e eeuw door de burgerij geschonken.

Een bezoek aan het paleis (met rondleiding) is zeker voor Nederlanders eigenlijk verplichte kost. Het is erg leuk om te ervaren hoe hoog het aanzien was dat de Republiek der Verenigde Nederlanden in de 17e eeuw onder buurlanden zoals Pruisen genoot.