Rijden met een VW T3 Westfalia Joker uit 1984

IMG_7208
Mijn nieuwe Joker, een exemplaar uit 1984 in de kleur Elfenbeinbeige (ivoor)

Hoe rijdt dat nou, zo’n bus van 32 jaar oud? In twee woorden: verbazend goed. In dit stukje, geschreven na drie dagen Jokeren, geef ik m’n eerste indrukken. Mijn bus heeft de 78-pk benzinemotor, wat ik een echte aanrader vind. M’n eerdere T3’s waren namelijk allemaal (turbo)diesels, met 50 of 70 pk. Juist met zo weinig vermogen merk je elk extra paard dat je tot je beschikking hebt… Alleen in Amerika had ik al eens met een benzine-T3 gereden. Ik herinner me alleen nog dat ik toen (overstappend uit een 1,6 diesel met 50 pk) bij de eerste keer wegrijden schrok van de felle acceleratie!

Zitten

IMG_6841
Prima werkplek in een T3

De zitpositie van de T3 vind ik heel erg goed. Door het ontbreken van een motorblok voorin konden de VW-ontwerpers een perfecte ergonomie creëren. Je zit lekker rechtop, je handen vallen als vanzelf op het stuurwiel, en je knieën hebben precies de goede hoek. Doordat je bovenop het voorwiel zit heb je ook geen last van wielkasten in de voetenruimte. Soms zou je de bestuurdersstoel iets verder naar achteren willen schuiven,  maar daar zit bij de Joker het keukenblok in de weg.

Het uitzicht rondom is door de grote ramen en de dunne raamspijlen perfect. Alleen de spiegels zijn voor verbetering vatbaar. M’n eerste T3 had grote beugelspiegels, en ook de Atlantic had grotere en bolle spiegels. Vooral rechts vind ik het zicht met de vlakke standaardspiegel te beperkt.

Prestaties

Als de motor eenmaal warm is trekt hij verbazend goed op. Deze 78 pk-versie van de 1,9-liter waterboxermotor (motortype DG) heeft een dubbele carburateur en dat voel je. Je moet het gaspedaal diep intrappen om het tweede register van de carburateur te activeren maar dan gáát hij ook.

IMG_7151
120 op z’n sloffen – 130 kan ook

Je hoeft niet veel te schakelen – buiten de stad redt hij alles in z’n 4, hoewel terugschakelen natuurlijk wel helpt als je snel wilt accelereren om in te halen of in te voegen. Goed, accelereren is misschien niet het juiste woord – een T3 accelereert niet, hij vermeerdert vaart. Maar dat dan ook gestaag. Ik heb op de snelweg zelfs even 130 km/h op de gps (140 km/h op de teller) gehad. Dat moet je natuurlijk eigenlijk niet doen met zo’n oude bus, maar ik vond het leuk om te merken dat de bus z’n officiële topsnelheid nog haalt en dat de 78 paarden nog allemaal aanwezig zijn. Op de provinciale weg is de benzine-Joker prima op z’n gemak, maar ook een snelwegetappe is geen probleem. Het geluid van de motor valt eigenlijk weg tegen het andere rij- en windgeruis. Dat herinner ik me anders van m’n diesel-Jokers. Die maakten rond de 100 (echte) kilometers al zoveel toeren en zoveel lawaai dat ik bang was in m’n achteruitkijkspiegel de zuigers door het matras te zien vliegen.

IMG_7138
De Joker en de benzinepomp: dikke vrienden.

Keerzijde van de goede prestaties is natuurlijk het verbruik. “Ieder voordeel heb z’n nadeel”, vrij naar een groot filosoof. Overigens is het nadeel van vriend Poetin, de lage olieprijs, het voordeel van de T3-benzinerijder. Want bij een verbruik van 1:8 à 1:9 scheelt elke cent per liter. Bij het bepalen van de totale kosten moet je wel de lagere wegenbelasting meerekenen. Bij een camper ligt het omslagpunt rond de 4 à 5000 kilometer per jaar. Als je daaronder blijft heb je dus alleen maar lol van je fijne benzinemotor.

Je moet ook alles zelf doen

Als je uit een moderne personenauto komt is het wel even wennen. Want er is heel veel dat je opeens zelf moet doen. Je moet bijvoorbeeld zelf:

  • kijken of het donker wordt en de lampen inschakelen
  • niet vergeten die lampen ook weer uit te zetten
  • kijken of het gaat regenen en de ruitenwissers aanzetten, en als het motregent zelf het interval regelen
  • kaartlezen, of een gps op je voorruit plakken
  • zingen, of een goede aftermarket-radio inbouwen met bluetooth, streaming enzovoort
  • zorgen dat je wielen niet blokkeren bij het remmen
  • de auto niet achteruit laten rollen bij de hellingproef
  • de kracht leveren om de voorwielen te laten sturen
  • in je spiegels kijken (ik had een Volvo die een lampje liet knipperen als er iemand naast je reed)
  • alle deuren op slot doen als je weggaat
  • de raampjes omlaag en omhoog draaien
  • de temperatuur en luchtverdeling regelen.

Goed beschouwd zijn er op deze lijst maar twee dingen die moderne auto’s echt beter maken. Nummer één: airco. ARKO (Alle Raampjes Kunnen Open) is ook leuk, maar is op een Joker met isolatieramen niet eens van toepassing omdat er achterin geen ramen open kunnen tijdens de rit. Nummer twee: ABS. De T3 had voor die tijd uitstekende remmen (lees je ook in oude autotests), maar blokkeert snel als je als ABS-rijder vol op het rempedaal gaat staan. Dat is dus echt “umdenken” en vergt in druk verkeer continu concentratie. Niet dat dat kwaad kan…

IMG_7216
De Bulli-Werkstatt in Marzahn, het uiterste oosten van Berlijn. Geen glazen VW-paleis maar wel voldoende slooponderdelen bij de hand!

Zoals je merkt ben ik erg te spreken over m’n nieuwe aanwinst. Ik zei altijd dat de Joker vanwege de enorme binnenruimte de perfecte compacte camper was voor als je stilstond, maar zo’n benzineversie rijdt daarnaast ook nog heel erg goed. Vandaag heb ik ‘m naar een gespecialiseerde T3-garage gebracht voor een grote beurt. Als het goed is komt-ie nóg beter terug!

 

 

Advertenties

#ProjectJoker onderweg

image
Eén van de foto’s uit de marktplaats-advertentie

Een paar dagen geleden schreef ik al dat ik nogal last had van busjeskoorts. Daar is natuurlijk maar één remedie tegen – naar een busje gaan kijken! Dan kunnen er twee dingen gebeuren: of je bent meteen genezen (als het, ondanks de mooie foto’s op marktplaats, een afgetrapt hok is), of je wordt verliefd en gaat voor de bijl. Wat het geworden is? Je hebt misschien al wel een vermoeden, maar het antwoord vind je in dit filmpje.

 

Filmpjes! De T6 California met Duitse humor grondig getest.

In de nazomer van 2015 presenteerde Volkswagen de vernieuwde California op een persreis naar Noorwegen. In konvooi reed de Duitse autopers met acht California’s  van Stavanger, via de veerboot over de Lysefjord, naar  ‘Camp California’, ergens in het midden van nergens. Het was hondeweer, maar toch wisten de journalisten er leuke filmpjes te maken. Eerst de ‘Deutsche Welle’, de Duitse wereldomroep:

Presentator Mattis had een blauwe California Coast meegekregen en deed z’n best er een serieuze test van te maken. Jammer genoeg voor hem loopt in het begin van het filmpje de crew van AutoBild al door zijn beeld. Zij pakten het anders aan. Ze hadden een crew van drie (presentator Dean Malay, een cameraman en een geluidsman) en monteerden er heel slim ook meteen een vergelijking met de Mercedes Marco Polo tussendoor. Dean ging ook in op commentaren van online-reaguurders, en ging op bezoek bij de andere journalisten. Zo zocht hij Mattis van de Deutsche Welle op in z’n Coast.

Geluidsman Olli (de derde man van AutoBild, blijkbaar onderaan in de pikorde) moest in de Noorse kou in een jaren ’70-tentje slapen.

Met alle grappen en grollen geven deze twee filmpjes wel een leuk beeld van de gebruiksmogelijkheden van de verschillende versies van de California. Let bijvoorbeeld op hoe Mattis (niet in z’n eigen filmpje, maar in dat van AutoBild!) demonstreert hoeveel sneller het handmatige dak van de Coast sluit dan het elektrische van de Ocean.

 

Ayrault op BZ: het tijdperk van de camperdiplomatie?


Deze week werden we verrast door het nieuws dat president Hollande zijn voormalige premier Jean-Marc Ayrault (spreek uit: Héro, held) tot minister van Buitenlandse Zaken heeft benoemd. Dat is opmerkelijk, omdat aan deze politicus tot nu toe een nogal provinciaal imago kleefde. Hij werd als voormalig burgemeester vooral geassocieerd met zijn oude machtsbasis Nantes, aan de idyllische en rustige monding van de Loire.

Veel politieke buitenlandervaring heeft hij niet, hoewel zijn uitstekende Duits (hij is, net als zijn echtgenote Brigitte, leraar Duits geweest en heeft ook in Duitsland gestudeerd) hem zeker van pas zal komen. Maar hij heeft een andere troef waardoor ik denk dat hij het als topdiplomaat heel goed gaat doen: Ayrault is een hartstochtelijk camperaar! Hij heeft met zijn busje en zijn gezin heel Frankrijk afgereisd, maar ook Spanje, Portugal en Italië. Ik denk echt dat de vorm van “slow travel”, waartoe zo’n busje uitnodigt, je helpt om je reisbestemmingen beter te begrijpen en in je op te nemen. En om in de diplomatie resultaat te boeken is het belangrijk dat je begrijpt waar je onderhandelingspartner letterlijk en figuurlijk “vandaan komt”, welke eisen en wensen essentieel voor hem zijn en welke misschien niet. Dan helpt het om die plaatsen, en de mensen daar, te kennen.

Jean-Marc Ayrault heeft zijn mooie Volkswagen T3 Westfalia Joker al ruim 20 jaar in zijn bezit, dus lang voor de huidige hype. Hij is bekend in Westfranse camperkringen en bezoekt alle beurzen. Tot zijn grote spijt moest hij uit veiligheidsoverwegingen met kamperen stoppen toen Hollande hem in 2012 tot premier benoemde. Hij heeft het busje nooit meegenomen naar het Matignon (de ambtswoning van de Franse premier). Het stond gestald bij zijn huis in Nantes, waar, volgens een krant, de plaatselijke garagehouder hem af en toe ophaalde voor klein onderhoud. En verder zorgde hij er zelf uitstekend voor, zoals blijkt uit dit grappige filmpje:

Toen hij in een kabinets-“reshuffle” in 2014 als premier werd ingeruild voor de veel jongere Manuel Valls nam hij, tot ongeloof van de Franse pers,  zijn kans waar en ging weer met zijn campertje op reis naar Spanje. Die pers, maar ook Ayraults collega’s, hebben het sowieso moeilijk met een kamperende toppoliticus. In Frankrijk is status en uiterlijk vertoon wel heel belangrijk, en daaraan voldoet het beeld van een staatsman in korte broek op de camping blijkbaar niet. De echtgenote van de al eerder genoemde nieuwe premier Valls, zelf een gevierd violiste, heeft zich volgens de Frankfurter Allgemeine Zeitung zelfs eens laten ontvallen dat de Ayraults “wel echte leraren zijn”, zonder de voor de politiek volgens haar blijkbaar noodzakelijke glamour. En dat zijn dan nog de Franse socialisten!

Laten we hopen dat de Ayraults zich er niets van aan trekken en, in ieder geval in gedachten, in het tempo van hun T3 door Europa blijven trekken, op zoek naar het mooie en interessante in al die prachtige gebieden die binnen een paar dagen rijden van ons thuis liggen.

De Caravansalon, een snelle verkenning

 

Deze prachtige T1 Westfalia staat in de klassiekerhal. Schattig, maar wat waren ze klein!

Omdat ik pas om half vijf in Düsseldorf was bleef er alleen tijd over voor een vluchtige verkenning van de beurs. Tip: bestel vooraf kaartjes via caravan-salon.de, dat scheelt wachten aan de kassa’s, en je hebt gratis toegang tot het OV in Düsseldorf. Als je ook nog gratis lid wordt van de “Club” betaal je minder en mag je twee dagen naar binnen voor de prijs van één!

Ook voor de camperparking kun je online reserveren en betalen.

Het lijkt wel of er steeds meer mensen met de camper naar de beurs komen. Onafzienbare rijen witte dozen, met af en toe wat kleur ertussen.

Handig idee, de alkoof op deze klassieke Fendt!

Als je via de noordingang binnenkomt, loop je eerst de klassiekerhal binnen. Erg leuk altijd, en goed voor flink wat jeugdsentiment. En toch ben ik altijd blij met een moderne camper op weg te zijn…

De nieuwe California Coast is een voordelige versie die wel een volledig kampeerinterieur biedt (maar luxe-opties, zoals elektrisch hefdak, dubbel glas of een standkachel kosten extra.)

En de nieuwigheden, daar gaat het natuurlijk om bij een beurs. Één van de meest bezochte introducties was die van de nieuwe Volkswagen T6 California. De meningen zijn verdeeld over of het nou een facelift of een nieuw model is, maar hij ziet er zeker weer goed uit. 
Afgezien van nieuwe kleuren en stoffen, en wat verbeteringen aan de verlichting en het doek van het hefdak is er niet veel veranderd in het interieur van de California.  Hoefde ook niet, denk ik! Deze lichtblauwe Coast vond ik erg mooi.


Naast VW staat aan de ene kant Mercedes-Benz, onder meer met de Westfalia Marco Polo, en aan de andere kant Ford met z’n Nuggets. Later meer over de Nuggets, de Marco Polo en natuurlijk de stand van Westfalia Mobil met de nieuwe Westy’s Kepler en Jules Verne!

 Na m’n korte eerste beursindruk kon ik weer terug naar m’n eigen Westy op P1. Wat heeft zo’n Nugget toch een fijne keuken – nasi goreng is geen enkel probleem (zeker als je hem diepgevroren van huis meeneemt en alleen nog maar hoeft op te warmen, ssst).

Zwitserland busjesland

VW T3 Westfalia Joker

Wat zie je in Zwitserland toch ongelooflijk veel leuke kampeerbusjes. Misschien wel omdat zo’n groot stuk witgoed op een steile bergpas écht niet handig is. Of omdat een Westfaliacamper, volgens een test in het Amerikaanse Car & Driver, qua veelzijdigheid en precisie wel iets weg heeft van een Zwitsers zakmes. Hoe dan ook, iets meer dan een week kamperen bij Müstair en Pontresina heeft de volgende Westy’s, Dehlers, Reimo’s en natuurlijk California’s opgeleverd. “Van Porn” van de eerste orde.

VW T5 California Beach
VW LT28 eigenbouw
Mercedes-Benz Viano Westfalia Marco Polo
VW T5 California Comfortline Edition
VW T4 eigenbouw
Ford Transit Custom Westfalia Nugget – Westyman’s trots moet er natuurlijk ook op!
VW T5 California Comfortline Edition
Mercedes-Benz T1 Westfalia James Cook – in bocht 31 van de beroemde Stelvio-pas
VW T2 Westfalia Berlin

VW T3 Westfalia Atlantic
VW T5 California Comfortline
VW T4 Reimo
VW T3 Westfalia Joker
VW T3 Westfalia Joker
VW T3 kombi syncro
VW T4 Westfalia California Coach Generation
VW T2 Westfalia Helsinki

Twee nieuwe Westy’s, de Volkswagen Kepler en Mercedes Jules Verne

VW Westfalia Kepler - nieuwe hefdakcamper met grote zitgroep. Foto: Westfalia
VW Westfalia Kepler – nieuwe hefdakcamper met grote zitgroep. Foto: Westfalia

Westfalia maakte deze week bekend dat het op de Caravansalon in Düsseldorf, eind augustus/begin september, twee nieuwe compacte hefdakcampers presenteert: de Jules Verne (op Mercedes Vito) en de Kepler (op Volkswagen T6). Beide bussen lijken op de foto’s op de lange wielbasis te staan.

De indeling van beide bussen lijkt erg op de Club Joker City (ook VW, met vast toilet achterin), maar met meer ruimte voor de zitgroep. Dat betekent misschien ook dat er beneden een bed voor 2 personen gemaakt kan worden. Dat zou de bussen ook voor gezinnen interessant maken.

Zitgroep van de Mercedes Westfalia Jules Verne. Foto: Westfalia
Zitgroep van de Mercedes Westfalia Jules Verne. Foto: Westfalia

Wat de naamgevers betreft is het interessant dat Westfalia van de ontdekkingsreizigers (Marco Polo, Sven Hedin, James Cook) op schrijvers en astronomen is overgeschakeld. Er was overigens al in 2011 een Mercedes Jules Verne van Westfalia, een jubileummodel vanwege de zestigste verjaardag van de eerste Westfalia-kampeerbus (maar dat was natuurlijk een VW…)

UPDATE: inmiddels is de Caravansalon geopend en is er meer nieuws over de twee nieuwe modellen. Ze worden in Frankrijk gebouwd bij Rapido, het moederbedrijf van Westfalia en het voordeel daarvan voor de klant is dat de modellen voor een redelijke prijs (nou ja, voor buscampers op Volkswagen en Mercedes-Benz dan…) geleverd kunnen worden. De vanafprijs voor de Kepler ligt in Duitsland op 49.500 euro. (Catalogus en prijslijst kun je hier downloaden).

Sanitairruimte achterin de VW Westfalia Kepler (foto: Westfalia)
Sanitairruimte achterin de VW Westfalia Kepler (foto: Westfalia)

De campers zijn voorzien van een 10-liter warmwaterboiler op gas, en een Webasto-heteluchstandkachel op diesel. Dat onderscheidt ze van de duurdere Club Jokers – die hebben een warmwaterverwarming en boiler op diesel. Er zit achterin de Kepler en de Jules Verne een vast cassettetoilet, en een douchebak. Of er ook werkelijk te douchen valt is natuurlijk maar de vraag – aan de ene kant is de ruimte erg beperkt en op de foto’s is ook geen douchegordijn te zien. Aan de andere kant zijn de watertanks (50 l vers, 36 l afval) ook niet erg ruim bemeten.

Bovendien is de gasvoorraad van de Kepler en Jules Verne één beroemde Campingaz-fles van 2,75 kg. Dat is een prima oplossing in Nuggets, California’s en dergelijke, want daarin dient die fles alleen voor het kooktoestel en gaat hij makkelijk een jaar mee. Maar als er ook een warmwaterboiler op moet werken is de pret waarschijnlijk wel eerder voorbij. De oplossing is dan natuurlijk om ergens (er schijnt veel bergruimte in de zitgroep te zijn) een tweede gasfles te verstoppen.

Zithoek van de Volkswagen Kepler. Een ruime L-vormige bank, hier voorzien van Westfalia's sfeerlichtpakket. Foto: Westfalia
Zithoek van de Volkswagen Kepler. Een ruime L-vormige bank, hier voorzien van Westfalia’s sfeerlichtpakket. Foto: Westfalia

In de catalogus staan ook de beddenmaten: voor de Kepler ongeveer 1,90 bij 1,20, zowel boven als beneden. Dat valt helemaal niet tegen!

Samengevat begin ik steeds nieuwsgieriger naar deze nieuwe Westfaliacampers te worden. Door het grote benedenbed zijn ze in ieder geval theoretisch bruikbaar voor een gezin. De prijzen zijn ongeveer vergelijkbaar met de California, maar dan heb je wel wat meer ruimte en een was- en plasgelegenheid aan boord. Eigenlijk is dit een model dat het ook heel goed met een vast hoog dak zou doen – dat zou een goede opvolger voor de aloude California Exclusive zijn.

http://www.westfalia-mobil.net/news/2015_kepler_schnapp.php